
Wilt u investeren in energiebesparende maatregelen om uw verhuurde woning(en) te verduurzamen? Maak dan gebruik van de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH). Naast voor verduurzamingsmaatregelen kunt u ook subsidie krijgen voor onderhoudsmaatregelen en de kosten van een maatwerkadvies. Een erkend bouw- of installatiebedrijf moet de werkzaamheden uitvoeren. Vraagt u voor € 25.000 of meer subsidie aan? Dan vraagt u deze al aan, voordat u begint met de verduurzamingswerkzaamheden. Vraagt u voor minder dan € 25.000 subsidie aan? Dan vraagt u deze aan binnen 24 maanden na de uitvoering van de verduurzamingswerkzaamheden. In dat geval moet u de investeringen dus voorfinancieren. De maximale subsidie bedraagt € 10.000 per huurwoning, of € 15.000 per woning inclusief een duurzame warmteoptie (warmtepomp of zonneboiler).
Tip
Verhuurt u een monumentale woning en wilt u die verduurzamen? Dan kunt u gebruikmaken van SVOH: Monumentale huurwoningen. Hiervoor gelden andere voorwaarden en subsidiebedragen. Uw woning moet dan de monumentenstatus hebben door een inschrijving bij het rijksmonumentenregister of een provinciaal of gemeentelijk erfgoedregister.

Begin 2026 heeft u beoordeeld of u in 2025 de vrije ruimte heeft overschreden. Wordt de vrije ruimte overschreden, dan betaalt u 80% eindheffing over het verschil tussen de vrije ruimte en het totale eindheffingsloon dat in de vrije ruimte is aangewezen. De eindheffing geeft u uiterlijk aan in de loonaangifte over het tweede tijdvak van 2026. Doet u maandaangifte, dan moet u de eindheffing dus uiterlijk in de loonaangifte over februari aangeven. Deze loonaangifte moet u uiterlijk 31 maart 2026 hebben ingediend. Wilt u voortaan de eindheffing voorkomen? Controleer dan tussentijds of u de vrije ruimte niet overschrijdt.
Tip
Check of u eindheffing moet aangeven en zo ja, of u die al heeft aangegeven in de loonaangifte over januari. Heeft u de eindheffing nog niet aangegeven? Zorg er dan voor dat u de heffing opneemt in de aangifte over februari.

Heeft u een in Nederland gevestigd bouwbedrijf dat bouwmaterieel heeft of bouwmateriaal verhuurt? Weet dan dat u sinds 3 maart jl. gebruik kunt maken van de ‘Subsidieregeling schoon en emissieloos bouwmaterieel’ (SSEB). Er zijn binnen deze subsidieregeling 3 categorieën te onderscheiden. De SSEB Aanschaf (1) is bedoeld voor de koop of lease van een nieuw emissieloos bouwvoertuig of bouwmachine. De SSEB Retrofit (2) is een subsidie voor het verduurzamen van bestaande bouwwerktuigen. Daarnaast is er de Innovatiesubsidie (3) die bestaat uit een haalbaarheidsstudie, waarbij u onderzoekt of uw toekomstige project uit te voeren is (als praktijkervaring of als technische ontwikkeling) en een project experimentele ontwikkeling. Dit gaat om een praktijkervaring of een technische ontwikkeling. Beide innovaties verbeteren producten, processen of diensten die niet al vaststaan.
Tip
Bent u van plan om een of meerdere van de genoemde investeringen in uw bouwmaterieel te doen? Kijk dan of u voldoet aan de voorwaarden voor deze subsidiekansen.

Op 1 maart 2026 start de aangifteronde inkomstenbelasting (IB) 2025. De Belastingdienst zal ook dit jaar vooral aandacht besteden aan de zakelijkheid van kosten. Daarbij wordt extra gelet op privékosten die als zakelijk zijn geboekt. Ook zullen de aangiften vennootschapsbelasting, btw en loonheffingen hierop actief worden gecontroleerd. Heeft u box-3-vermogen? Dan moet u weten dat onlangs de definitieve forfaitaire rendementspercentages 2025 voor de categorieën ‘bank- en spaartegoeden’ en ‘schulden’ zijn vastgesteld. Het percentage voor bank- en spaartegoeden is verlaagd van 1,44% naar 1,37%. Daarentegen is het forfaitaire rendementspercentage voor schulden juist verhoogd van 2,61% naar 2,70%. Het forfaitaire rendementspercentage voor de categorie ‘overige bezittingen’ (5,88%) was al definitief en is dus niet gewijzigd.
Tip
Bent u zelfstandig ondernemer of dga? Zorg er dan voor dat u de kosten correct verwerkt in uw administratie en dat u bewijsstukken kunt overleggen, zodat u de zakelijkheid van de kosten kunt aantonen. Voor uw box-3-vermogen kunt u direct gebruikmaken van de definitieve percentages.

Heeft u van uw ouders in 2025 een eenmalig vrijgestelde schenking ontvangen? Weet da, dat u wel een schenkingsaangifte moet indienen om deze eenmalige vrijstelling te kunnen benutten. U moet namelijk in de schenkingsaangifte verzoeken om toepassing van deze vrijstelling. De schenkingsaangifte moet u uiterlijk vóór 1 maart 2026 hebben ingediend. U logt hiervoor in met uw DigiD op MijnBelastingdienst. In 2025 is vrijgesteld een vrij te besteden schenking van maximaal € 32.195 of een extra verhoogde schenking van € 67.064 voor een dure studie. In het laatste geval moet de schenking zijn vastgelegd in een notariële akte. Heeft u van uw ouders in 2025 een niet eenmalig vrijgestelde schenking gehad van meer dan € 6.713? Dan bent u over het meerdere schenkbelasting verschuldigd. Ook dan moet u uiterlijk vóór 1 maart 2026 een schenkingsaangifte indienen.
Tip
Controleer of u voor uw in 2025 ontvangen schenking een aangifte schenkbelasting moet indienen. En zo ja, check dan of u dat al heeft gedaan. Moet u de schenkingsaangifte 2025 nog indienen? Doe dat dan vóór 1 maart 2026.

Tot 1 januari 2025 waren er twee soorten fondsen voor gemene rekening (fgr): een besloten fgr en een open fgr. Een besloten fonds was niet belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb) en een open fgr was dat wel. Sinds vorig jaar is de definitie van een fgr gewijzigd. Daardoor kan het zijn dat een fgr dat tot en met 2024 niet zelfstandig belastingplichtig was voor de Vpb kortstondig belastingplichtig kon worden. Om dit te voorkomen kunnen deze fondsen ervoor kiezen om met ingang van 1 januari 2025 alsnog tijdelijk niet als fgr te worden aangemerkt. Dit geldt ook voor een fgr dat op of na 1 januari 2025 is opgericht. Daarbij geldt wel de voorwaarde dat álle participanten hiermee uiterlijk 28 februari 2026 moeten instemmen. Zo wordt voorkomen dat de betrokken fondsen in 2025 en 2026 slechts korte tijd zelfstandig belastingplichtig zijn. Het overgangsrecht geldt tot uiterlijk 2028.
Tip
Heeft u een fonds voor gemene rekening waarvoor het overgangsrecht is bedoeld en wilt u daarvan gebruikmaken? Zorg er dan voor dat u daarvoor tijdig de instemming heeft van álle participanten.

Tot 1 januari 2025 waren er twee soorten fondsen voor gemene rekening: een besloten fgr en een open fgr. Een besloten fonds was niet belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb) en een open fgr was dat wel. Sinds vorig jaar is de definitie van een fgr gewijzigd. Daardoor kan het zijn dat een fgr dat tot en met 2024 niet zelfstandig belastingplichtig was voor de Vpb kortstondig belastingplichtig wordt. Om dit te voorkomen kunnen deze fondsen ervoor kiezen om met ingang van 1 januari 2025 alsnog tijdelijk niet als fgr te worden aangemerkt. Dit geldt ook voor een fgr dat op of na 1 januari 2025 is opgericht. Alle participanten moeten hiermee uiterlijk 28 februari 2026 instemmen. Dit overgangsrecht voorkomt dat de betrokken fondsen in 2025 en 2026 slechts korte tijd zelfstandig belastingplichtig zijn. De overgangsregeling geldt tot uiterlijk 2028.
Tip
Heeft u een fonds voor gemene rekening waarvoor het overgangsrecht is bedoeld en wilt u daarvan gebruikmaken? Zorg er dan voor dat u daarvoor tijdig de instemming heeft van alle participanten.

Sinds 1 januari 2026 is het voor u als werkgever eenvoudiger en aantrekkelijker geworden om mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. Zo heeft u geen doelgroepverklaring meer nodig voor het loonkostenvoordeel (LKV) banenafspraak (€ 2.000 per jaar per werknemer). U kunt op basis van het doelgroepregister banenafspraak bepalen of u voor een werknemer in aanmerking komt voor het LKV banenafspraak. Wel blijft het nodig dat u in de aangifte loonheffingen de indicatie aanvinkt voor het LKV banenafspraak. Daarnaast is de 3-jaarstermijn voor dit LKV geschrapt. Het LKV banenafspraak kunt u nu benutten zolang de arbeidsbeperkte werknemer in dienst is. Hiermee samenhangend is ook de voorwaarde vervallen dat een werknemer in de periode van 6 maanden voorafgaand aan de datum indiensttreding niet bij u in dienstbetrekking mag zijn geweest.
Tip
Neemt u een arbeidsbeperkte werknemer in dienst? Vergeet dan niet om in de aangifte loonheffingen de indicatie aan te vinden voor het LKV banenafspraak.

Binnenkort valt de WOZ-beschikking 2026 op uw (digitale) deurmat. De WOZ-waarde 2026 betreft de waarde van uw woning (of een gebouw) op de waardepeildatum 1 januari 2025. Het verdient aanbeveling deze beschikking te (laten) controleren vanwege het grote belang. De WOZ-waarde is namelijk niet alleen relevant voor de gemeentelijke heffingen, maar ook voor andere belastingen, zoals de inkomstenbelasting en de schenk- en erfbelasting. Bent u het niet eens met de vastgestelde waarde in de WOZ-beschikking, dan moet u binnen 6 weken na de dagtekening van de beschikking daartegen bezwaar aantekenen bij uw gemeente. U kunt geen bezwaar aantekenen bij de Belastingdienst!
Tip
Het is van groot belang dat u uw bezwaar tijdig indient. Is de 6-wekentermijn verstreken en hebt u geen bezwaar gemaakt? Dan zit u weer een jaar vast aan de vastgestelde waarde voor de gemeentelijke heffingen, maar ook voor de andere belastingen.

Het nieuwe kabinet-Jetten heeft het Coalitieakkoord bekendgemaakt. Daarin zijn enkele ingrijpende maatregelen opgenomen. Een van de aangekondigde maatregelen betreft het nieuwe box-3-stelsel dat op 1 januari 2028 in werking moet treden. Volgens dit stelsel worden ook niet-gerealiseerde waardestijgingen jaarlijks in de belastingheffing betrokken. Dit is de vermogensaanwasbelasting. Een uitzondering wordt gemaakt voor vastgoed en aandelen in een startup. Die bestanddelen zullen worden belast met een vermogenswinstbelasting. Bij deze belasting vindt de heffing pas plaats als het box-3-vermogensbestanddeel is vervreemd. In dat geval beschikt u over het geld om de belasting te betalen. Het nieuwe kabinet wil deze vermogenswinstbelasting op termijn ook invoeren voor de andere vermogensbestanddelen in box 3.
Tip
Het kabinet-Jetten is een minderheidskabinet. Dit heeft tot gevolg dat voor de aangekondigde maatregelen eerst steun moet worden gevonden in de Tweede Kamer, voordat deze maatregelen kans van slagen hebben. Het is dus nog even afwachten of dit voornemen realiseerbaar is.
Ontwikkelingen binnen BAS
Graag informeren wij u over enkele ontwikkelingen achter de schermen. Dit zijn zaken waar u doorgaans niet veel van merkt, maar toch noodzakelijk om u ook in de toekomst naar tevredenheid van dienst te kunnen zijn:
- SBR
- SBA
- Digitalisering
- Online boekhouden
Werk en zekerheid (cliëntenbrief Fiscount)
Het zal u ongetwijfeld niet zijn ontgaan: het arbeidsrecht wordt drastisch gewijzigd. Dit kan grote consequenties hebben voor uw positie als werkgever en rechtsbescherming van de werknemer. De wijziging gebeurt in drie fasen. Lees verder
Werkkostenregeling (cliëntenbrief Fiscount)
Wij vinden het belangrijk u tijdig te informeren over de werkkostenregeling die met ingang van 1 januari 2015 (verplicht) van toepassing is. Deze regeling heeft veel gevolgen voor werkgevers die vergoedingen en verstrekkingen aan hun werknemers geven. Lees verder
SBA
Tot op heden ontvangen wij ten behoeve van het grootste deel van onze relaties een kopie van de aan hen opgelegde belastingaanslagen de zogenaamde Elektronische Kopie Aanslagen (EKA). Wij kunnen dan controleren of de aanslagen correct zijn opgelegd en zo nodig kunnen wij dan tijdig bezwaar maken.
De belastingdienst gaat stoppen met het verstrekken van de EKA’s. Deze worden vervangen door Serviceberichten Aanslag (SBA). De inhoud en opzet blijft hetzelfde alleen de techniek van berichtverstrekking aan ons veranderd. Hiervoor hebben we wel onze software moeten laten aanpassen.
Het enige wat voor u veranderd is dat u ons opnieuw zult moeten machtigen, zodat wij deze SBA kunnen (blijven) ontvangen en controleren.
Digitalisering
U en wij ontkomen niet aan het digitale tijdperk. Hoewel minder snel dan verwacht vindt uitwisseling van informatie steeds meer plaats via e-mail, facebook, twitter enzovoorts. Op zich een schone zaak dat het verbruik van papier terug wordt gedrongen.
Maar misschien nog belangrijkere aspecten zijn dat informatie sneller uitgewisseld kan worden, efficiëntere werkwijzen, minder archiefruimte. Met andere woorden op den duur een kostenbesparing. Maar zoals het spreekwoord al zegt; de kost gaat voor de baat uit.
Wij zijn bezig om te investeren in een “digitaal kantoor” onder meer inhoudende dat de papierstroom teruggedrongen gaat worden. Dit hebt u overigens al kunnen merken aan de nieuwsbrieven die we digitaal verzenden. De dossiers van onze klanten gaan we ook verder digitaliseren, waardoor u ook op termijn inzage kunt krijgen in uw dossier en uw stukken kunt downloaden.
Deze ontwikkeling staat ook in het teken om u beter en sneller van dienst te kunnen zijn. Wenst u echter nog steeds op papier zaken te ontvangen, dan blijft dat te allen tijde mogelijk.
Online boekhouding
Het online boekhouden wint, na een trage start, steeds meer terrein. U kunt uw administratie “in the cloud” , dat wil zeggen op een centrale server van de softwareprovider, bijwerken. Het voordeel is dat u overal op elk gewenst tijdstip inzage hebt in uw administratie en kunt bijwerken . U werkt altijd met de meest recente versie van het boekhoudprogramma en u hoeft zelf niet voor een back up te zorgen. Banken bieden rechtstreekse koppelingen aan met de administratie, waardoor de verwerking nog sneller kan plaatsvinden. Wij kunnen ook uw administratie inzien en zo nodig in overleg correcties aanbrengen, zonder dat er uitwisseling van bestanden hoeft plaats te vinden.
De steeds betere beveiliging en lagere kosten maken het online boekhouden steeds aantrekkelijker. Heeft u interesse, neemt u dan contact op.
